Vereniging 1e Poolse pantserdivisie Nederland      

Terug

Archief 2008

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Over de activiteiten van de Vereniging 1e Poolse Pantserdivisie zijn in 2007 de volgende artikelen gepubliceerd:Op deze pagina kunt  u ze nalezen.


Piet Avontuur krijgt monument in Tholen
'We mogen onze helden niet vergeten'
Een site om stil te worden
De 'Ingelsen' bleken in werkelijkheid Polen te zijn
Tom Peeters,Breda
Herdenking,Hoge Zwaluwe
Breda's eerste moderne inzamelingsactie
Slijpen, boren  en in ere hersteld...............


Piet Avontuur krijgt monument in Tholen

Dinsdag 15 januari 2008 - BREDA - De Bredase verzetsheld Piet Avontuur (1920-'45) krijgt een officieel monument in de gemeente Tholen (Z).

De plaatselijke overheid en het Regiment Stoottroepen hebben het initiatief van een kleine projectgroep overgenomen en organiseren nu voor 20 maart een grootscheepse plechtigheid met militair vertoon. Ten minste honderd oudstrijders zijn uitgenodigd om de onthulling van het monument op de Algemene Begraafplaats van Anna Jacobapolder (op St.-Phlipsland) bij te wonen. De begraafplaats ligt vrijwel op de plek waar Piet Avontuur, sectiecommandant bij de Nederlandse Stoottroepen, op 23 januari 1945 sneuvelde. Bij dezelfde Duitse aanval lieten ook vijf Poolse en twee Engelse geallieerden, evenals een burger het leven. Hun namen worden eveneens vermeld op het gedenkteken. Dat is grotendeels een reconstructie van Avontuurs particuliere grafmonument dat tot juli 2007 op de Bredase begraafplaats Zuylen stond. Piet Avontuurs gebeente is die dag herbegraven op het nationaal ereveld in Loenen.

top


'We mogen onze helden niet vergeten'

21 mrt 2008, - ANNA JACOBAPOLDER - Monument voor Piet Avontuur plechtig onthuld.

Het is guur, koud en winderig deze donderdag in de polders van Sint Philipsland. Maar het is niets in vergelijking met het winterse weer in de nacht van 22 op 23 februari 1945. In die nacht laten zeven stoottroepers, onder wie de Bredase verzetsheld Piet Avontuur, het leven aan de Langeweg in Anna Jacobapolder. Nu, 63 jaar na dato, heeft het dorp een monument dat herinnert aan het korte, maar hevige gevecht.

De kleine begraafplaats net buiten het dorpje staat stampvol. Oud-strijders, nabestaanden van de gesneuvelden en andere belangstellenden luisteren, gewapend met paraplu's, naar toespraken van kolonel Joop Lodders en de burgemeester. Het militair muziekkorps zorgt voor een plechtige, muzikale omlijsting. De overgebleven overlevenden, staat de bewuste nacht in het geheugen gegrift. De Duitsers komen letterlijk als een dief in de nacht in bootjes de Zijpe overgestoken. Sint Philipsland is dan al bevrijd, maar dient als uitvalsbasis voor de geallieerden om Schouwen-Duiveland te bevrijden. Bij het aan land komen, worden de Duitsers snel ontdekt door een Engelse wachtpost van de tiende compagnie. Maar te laat. De telefoonlijnen zijn dan al doorgeknipt. Niet veel later wordt de watertoren, met daarin een commandopost van de geallieerden opgeblazen. Deze nacht laten naast Piet Avontuur ook vijf Poolse, onder wie prins Marie Andrzej Poniatowski, twee Engelse geallieerden en een burger het leven. "Verzetshelden mogen onder geen beding anoniem in de nevelen van de geschiedenis verdwijnen", vindt Lodders. "Piet Avontuur was zo'n held. Zonder opleiding en goede uitrusting vocht hij hier, niet ver van deze plek. Van de overlevenden van zijn compagnie met stoottroepers hebben we er acht getraceerd. Helaas zijn er het afgelopen jaar alweer drie overleden." Het monument staat fier bij de ingang van de begraafplaats. Het bestaat voor een deel uit de grafsteen van Piet Avontuur die tot vorig jaar zomer op het Bredase kerkhof Zuylen stond. Op een plaquette staan de namen van de gesneuvelden. "Het stoffelijk overschot van Pietje is naar het nationale ereveld in Loenen gebracht", zegt Lodder. "Zijn grafmonument viel in brokken uiteen en ging niet mee. We hebben het gerestaureerd en voorzien van de plaquette."

top



Tom Peeters, Breda

Op allerlei manieren brengt Tom Peeters (77) al sinds 1944 de bevrijding van Breda door de 1e Poolse Pantserdivisie onder de publieke aandacht.

Als amateur-historicus bereidt hij de publicatie van twee nieuwe studies voor. Tussen 1950 en 1990 was hij op velerlei wijzen actief in het culturele leven en onderwijs. Hij is nu Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

In de naoorlogse jaren groeide Tom Peetersí bewondering uit tot oprechte vriendschap met tal van Polen. Hij publiceerde vier boeken over Bredaís bevrijders waarvan ťťn in Pools is vertaald, organiseerde drie veteranenreŁnies en is nu als vrijwilliger aan het Generaal Maczekmuseum verbonden.

De bevrijding van Breda door de Eerste Poolse Pantserdivisie van generaal Stanislaw Maczek, op 28 en 29 oktober 1944, was voor de inmiddels 14-jarige Tom een dubbele bevrijding. Abrupt eindigde het gevoel van beklemming waarmee hij was opgegroeid. Toen de bezetting aanbrak, was Tom Peeters nog negen. Zijn ouderlijk huis stond aan de Zandbergweg 236, net voorbij de (zuidelijke) hoek met de Ginnekenweg. Voor een opgroeiende jongen was er weinig te beleven. ĄVoor tieners was er niks, geen enkel vermaak.

top


Herdenking in Hooge Zwaluwe

HOOGE ZWALUWE - In de rooms-katholieke kerk aan de Kerkdijk in Hooge Zwaluwe wordt zondag om 19.00 uur de jaarlijkse herdenkingsbijeenkomst gehouden in verband met dodenherdenking.

Het thema is: Solidariteit, ruggengraat voor vrijheid. Het gemengd koor van de Willibrorduskerk, fanfare Concordia, mevrouw Wortel en de heer Van Dijk verlenen hun medewerking aan deze bijeenkomst. Na afloop gaat fanfare Concordia voor richting het monument aan de Haven. Daar wordt twee minuten stilte gehouden, waarna het Poolse volkslied en het Wilhelmus zullen klinken. Wethouder Harry Bakker houdt een toespraak en legt een krans bij het monument namens het gemeentebestuur. Ook anderen leggen bloemen.

top


Breda's eerste moderne inzamelingsactie

BREDA - Het is een verhaal over de dood die vroeg of laat elke strijd wint. Maar ůůk het verhaal van de generositeit van honderdduizend Bredanaars die, middenin de Wederopbouw, massaal bereid waren een ereschuld in te lossen aan een Poolse bevrijder.

 

Selchts twee maal voerde Wiktor Fraczcaks levenslot hem naar Breda; eenmaal ontkwam hij er aan een ontijdige dood. De eerste keer dat de Poolse econoom de stad aandeed, maakte hij - als 37-jarige kapitein van het 9e Bataljon, deel uit van de Eerste Poolse Pantserdivisie, die op 29 oktober 1944 Breda van de Duitsers bevrijdde. De aanblik van de verwoeste Driesprongkerk, opgeblazen door de terugtrekkende Duitsers, zou hem het sterkste bijblijven. Na de oorlog vestigde Fraczcak zich met zijn vrouw Jadwiga, een onderwijzeres, aanvankelijk in het vrije Duitsland. Maar Jadwiga's heimwee bracht het paar in 1948 toch terug naar het communistisch geworden, straatarme Polen, waar Fraczcek als bedrijfseconoom bij het ministerie van Buitenlandse Zaken ging werken. De woonomstandigheden in Polen waren destijds bedroevend en zoals bij zoveel landgenoten, kreeg de tuberculose ook vat op Fraczeks longen.

Inmiddels vader van een dochter, kwam hij in '52 op een legerpensioentje thuis te zitten. Spoedig volgde een eerste sanatoriumopname, in 1956 een tweede. De veteraan bleek ongeneeslijk ziek, enkel een operatie bood hem nog kans van leven. Maar in het van tbc vergeven Polen kon hij pas na anderhalf jaar onder het mes. Terwijl de dood eind '57 om Fraczceks uitterende lichaam begon te dobbelen, kwam het lot van de wanhopige oudstrijder zijn in 1944 in Breda achtergebleven strijdmakkers ter ore. Eťn van hen was dr. Witold Komar (50), een aan de KMA docerende jurist, die als landelijk bestuurder van de Poolse Katholieke Vereniging (PKV) in het voorjaar van '58 de kat de bel aanbond. Komar vond De Klokkenberg bereid de Poolse veteraan gedurende anderhalf jaar te laten kuren voor de helft van de gebruikelijke verpleegkosten. Voor de verdere financiering kwam de plaatselijke afdeling van Herwonnen Levenskracht (H.L.), de vereniging tot bestrijding van Volksziekten in beeld. Afdelingssecretaris Bart Jansen (1915-'91) uit de Pijnboomstraat en zijn medebestuursleden werkten razendsnel. In een week tijd zetten zij een door burgemeester Kortmann en bisschop Baeten krachtig aanbevolen en door de plaatselijke pers warm ondersteunde inzamelingsactie op poten, waarbij op 5 mei 390 collectanten - sommigen in Poolse klederdracht - de 28.000 Bredase voordeuren langs gingen.

Aan het eind van die Bevrijdingsdag was er 10.772 gulden opgehaald. Waarbij niet onopgemerkt bleef dat ook Duitse toeristen stevig in den Beutel hadden getast. Tien dager later lag er al een visumaanvraag bij de Poolse ambassade. Toen was het wachten op de traag van bureaucratie en argwaan malende, Oost-Europese formaliteitenmachine. Vol mededogen volgde Breda in de navolgende mei- en juniweken de berichtgeving daarover in de twee plaatselijke dagbladen. Totdat de uitgemergelde Wiktor Fraczcak donderdagochtend 26 juni om 10.15 uur op Utrecht-CS de trein uit Berlijn uitstapte. Zijn oude bekende Witold Komar, inzamelingsleider Bart Jansen, een verpleegkundige en een afgevaardigde van de Nederlandse oudstrijdersbond stonden op het perron klaar om de door alle attenties en blijken van medemenselijkheid zeer aangedane oud-kapitein op te vangen. De winkeliers Nouwens en Van Baal hadden zich met hun (toen nog zeldzame luxe) auto's voor het vervoer naar Breda aangemeld.

Het eerste wat Fraczcek opmerkte, toen de wagens de oostelijke stadsgrens passeerden, was de herbouwde Driesprongkerk (inmiddels gesloopt). Na een kort officieel welkom op het Stadhuis werd de opgewonden maar oververmoeide patiŽnt fluks naar De Klokkenberg gebracht. In zijn met Westerse luxe omringde sanatoriumbed - H.L. had zelfs voor een scheerapparaat gezorgd - sterkte de van dankbaarheid overlopende veteraan langzaam aan. In eigentijdse verslagen komt hij naar voren als een eenvoudige, opgewekte man met beweeglijke bruine ogen; een levendig verteller in vloeiend Duits en Engels. Op maandag 5 januari '59 was Fraczcak sterk genoeg voor zijn operatie, die succesvol verliep. Jadwiga ontving een bevrijdend telegram - en de blijde mare ging door de stad. De volgende dag kreeg Jadwiga Fraczcek evenwel een telefoontje uit Breda. Haar man leek de nacht goed doorgekomen, maar een complicatie in de vroege ochtend was hem alsnog fataal geworden. Drie dagen later werd Fraczcaks stoffelijk overschot via Brussel naar Warschau teruggevlogen. Met een requiemmis in de Ginnekenstraatkerk nam de stad op zaterdag 10 januari afscheid van de bevrijder die, ruim veertien jaar na Breda's bevrijding, in de allerlaatste hinderlaag was gelopen. Wiktor Fraczcak werd 51 jaar.

Bliksemactie
Vijftig jaar geleden was Breda in de ban van zijn eerste massale geldinzamelingsactie - nieuwe stijl. Op 5 mei 1958 hadden honderden collectanten op die ene Bevrijdingsdag, 13 jaar na de oorlog, ruim tienduizend gulden opgehaald, om het leven te kunnen redden van de doodzieke Poolse bevrijder kpt. Wiktor Fraczcak. Met spanning wachtte de stad op 's mans aankomst.

top


Slijpen, boren en in ere hersteld...

De serene rust op begraafplaats Vogelenzang in het Ginneken wordt deze dagen wreed verstoord door kabaal van een slijpmachine en trilboor.

Een container bij de ingang, gevuld met brokken steenpuin, staat er als waarschuwing voor de ordeverstoring.

Bezoekers kijken even vreemd op, maar wandelen dan toch onverstoorbaar het kerkhof op. Links in de hoek, waar de Poolse oorlogsgraven (1944) liggen, werken drie mannen zich in het zweet.

Twee hoveniers en een technische man van de Oorlogsgravenstichting uit Den Haag zijn druk doende met het verwijderen van 42 van de in totaal 80 graven op het Pools militair ereveld. Beschermbril op, stofmasker voor en John Groenestein zaagt met de slijptol een grafsteen van de sokkel. Terwijl collega Nico van Dijk met hamer en beitel, of drilboor, de restanten puin uit het graf haalt. De grafstenen van de in het Ginneken en Bavel gesneuvelde Poolse militairen verlaten tijdelijk de begraafplaats voor een opknapbeurt bij steenhouwerij Timmermans in Nieuwekerk in Zeeland. De in zwart-wit ingegoten namen gaan er uit, in brons gegoten namen komen terug en de grafstenen worden gepolijst. Er zit een bijzonder verhaal achter de Poolse namen.

In de oorlogsjaren 1939-1942 maakte het Duitse leger grote verliezen. Nieuwe manschappen werden geworven in de bezette Poolse gebieden. Poolse jongens moesten verplicht dienen voor het Duitse leger. Veel van hen liepen over of gaven zich over aan de geallieerde troepen. Zo kwamen er ook Poolse militairen terecht bij de Eerste Poolse Panterserdivisie van generaal Maczek. Veel van hen gebruikten een schuilnaam om de families in Polen bij een eventueel krijgsgevangenschap te behoeden voor represailles van de Duitsers. Een Poolse soldaat noemde zich Jankowski, schuilnaam voor Sewokski, Siemienski heette in het echt Cichocki en Antonowicz was schuilnaam voor Kryger. Opvallend zijn de Nederlandse voornamen waar de schuilnamen mee beginnen. Alle familienamen zijn nu achterhaald, de 'echte' namen worden door de steenhouwer in brons aangebracht. Is het voor een paar dagen gedaan met de rust, in september staat het Pools ereveld er weer vredig bij. De Oorlogsgravenstichting beheert in het land 8000 graven van geallieerden en 6500 graven van Hollandse militairen.

top
 


Een site om stil te worden

 

De vormgeving van de site is sober: eenvoudige Engelstalige teksten tegen effen gekleurde achtergronden.

Het www surfcity biedt een schat aan informatie.

In een flits surf je van de ene kant van de wereld naar de andere. Nuttige, leuke of interessante informatie vind je vaak ook dicht bij huis. BN/DeStem belicht wekelijks een site uit de regio Oosterhout.
Deze week:
Reacties: nicole.andries@bndestem.nl. De makers van www.polishwargraves.nl hebben een sobere website in elkaar gezet, passend bij het onderwerp van de site. In eenvoudige, Engelstalige teksten geeft de site tegen effen gekleurde achtergronden informatie over Poolse soldaten die het leven lieten tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Wie op de link 'War cemeteries/Grave yards' klikt, en daarna op het linkje 'The Netherlands', kan zien welke Poolse militairen een laatste rustplaats hebben gevonden in onze regio. De makers van de site hebben de gevallen soldaten per begraafplaats op een rij gezet, en dat hebben ze zeer nauwkeurig gedaan.

In Dongen bijvoorbeeld ligt ťťn Poolse militair begraven, op de begraafplaats aan de Bolkensteeg. Kazimierz Tadensz Kozula kwam in februari 1945 op wel zeer ongelukkige wijze om het leven in 's Gravenmoer. Hij liet zijn eigen wapen vallen, het ging ťťn keer af en dat schot werd de 25-jarige Pool fataal.

Wie door de namen op de website scrollt, komt veel meer trieste verhalen tegen. Veelal jonge Polen, begin twintig, die omkwamen tijdens de Poolse inspanningen om het zuiden van Nederland te bevrijden. Door mortiervuur, mijnen, of gewoon door domme pech.

Het is mooi dat de makers van deze website de Polen ook op internet een plekje hebben gegeven, zodat ze niet zomaar vergeten worden. Elke omgekomen en in Nederland begraven soldaat heeft een eigen link. Onder elke link staan behalve persoonlijke informatie ook foto's - soms alleen van het witte grafkruis waar de militair onder rust, maar ook kiekjes van de lachende militair tijdens zijn leven. Of van de onthulling van een straatnaambordje - in het geval van Leon Galuba, naar wie de Galubastraat in Dorst is vernoemd.

Deze site moet het niet hebben van spectaculaire effecten of fijnzinnige vormgeving, maar van het engelengeduld waarmee de makers alle informatie en beeldmateriaal bij elkaar hebben gebracht.

Vooral de informatie over dertig Polen die begraven liggen aan de Veerseweg in Oosterhout is zeer uitgebreid. Wie de informatie naam voor naam bekijkt, wordt er stil van. En dat mag soms best, op het chaotische en haastige internet.
 

top

 

De 'Ingelsen' bleken in werkelijkheid Polen te zijn

Het Poolse monument in Axel. foto Wim Kooyman

Hoe laat of hoe vroeg het de ochtend van woensdag 20 september 1944 precies was, staat ons niet meer bij.

Als jonge gast van elf jaar speelde tijd nog niet zo'n rol. Wat ons nog wel bij staat is het weer: nevelig, eerder mistig eigenlijk, maar wel een mist die mooi weer beloofde. Over naar school gaan werd, zover we ons herinneren, niet gepraat.

Daags tevoren waren er nog verschillende groepjes Duitsers langs gekomen op weg naar de Westerschelde, met name naar Terneuzen. Een groep bestond uit Aziatisch uitziende mannen, slonzig, onder het stof, dood- en doodvermoeid, mager als honden en snakkend naar een kan drinkwater. 's Morgens werd er de kant van het Vogelfort bij Hengstdijk op nog geschoten en er stonden wel twee of drie schuren in brand. Ineens doken twee Duitse militairen met een Rode Kruisband om de arm op uit de nevel. Onberispelijk in uniform, weldoorvoed en in het bezit van een wit brood en minstens een pond goede boerenboter. In alle rust zetten ze zich in de 'bakkÍÍt' aan tafel, besmeerden de sneden brood zeer dik met boter, kamden hun haar nog eens en trokken verder, ook de kant van Terneuzen op.

En dan ineens was die zandkleurige tank daar. Ze kwam de 'april' (oprit) af en stelde zich op voor het damhek, de loop van het kanon in de richting van Kloosterzande. De 'Ingelsen' waren er! Ingelsen, dat waren de enige mogelijke bevrijders die we kenden. Het woord geallieerden was op Campen vast en zeker niet bekend. Maar het waren geen Engelsen, op hun mouw stond Polska, het waren Polen.

Hoe we er achter kwamen dat ze gek waren op tomaten en komkommers is niet meer duidelijk, maar we deden ze er een groot plezier mee. De tomaten hapten ze weg zoals wij appels. Daar stonden we van te kijken. Komkommers ontdeden ze van de schil en de rest aten ze rauw op. Na de verkenners kwam de eigenlijke strijdmacht. Eťn groep moest over Boschkapelle (Vogelwaarde-West) naar Campen en dan naar Kloosterzande en Walsoorden. Een andere over Zaamslag en Reuzenhoek naar Campen. Na de cavalerie volgden de infanterie en de artillerie. De twee Rode Kruismannen van 's morgens kwamen in de loop van de middag weer langs, nu boven op een tank. Ze leken er niet onder te lijden dat ze de oorlog verloren hadden. De Ingelsen bleken Polen te zijn! Polen was toch onder de voet gelopen door Duitsland en de Sovjet-Unie? Op 1 september 1939 vielen de Duitsers over een breed front hun buurland binnen. Het Poolse leger beschikte wel over cavalerie van de oude stempel, paardenvolk, nauwelijks over het moderne strijdmiddel tanks en pantserwagens. Op 17 september viel Rusland de Polen in de rug aan en op 1 oktober moest het land capituleren.

Een deel van de militairen werd krijgsgevangen genomen, anderen gingen in het ondergrondse verzet en een aantal van hen kon uitwijken naar het buitenland. Tot die laatste groep behoorde een flink deel van de Tiende Gemotoriseerde Cavaleriebrigade, de zogenaamde Zwarte Brigade, onder kolonel Stanislaw Maczek. Veel militairen vluchtten naar RoemeniŽ, waar ook de Poolse regering heen gegaan was, of naar Hongarije. De soldaten werden ontwapend, opgesloten in kampen en hun bewegingsvrijheid was beperkt. Dat werd gemakkelijker nadat ze over burgerkleren konden beschikken. Toen ze vernamen dat de minister-president van Polen, generaal Sikorski in Frankrijk was en daar een nieuw Pools leger opbouwde, konden velen een uitreisvisum krijgen.

Via de Balkan en ItaliŽ kwam het merendeel begin januari 1940 in Frankrijk aan. Anderen wisten via Hongarije of zelfs via Zweden Frankrijk te bereiken en duizenden meldden zich aan voor het nieuwe leger, alsook veel al voordien naar Frankrijk geŽmigreerde Polen. Al spoedig beschikte Sikorski over twee infanteriedivisies, een infanteriedivisie in opbouw en de Tiende Pantserbrigade onder (inmiddels) generaal Maczek. Zijn brigade nam in mei en juni in Frankrijk deel aan de strijd tegen de Duitsers onder meer bij de Somme. Al vechtend trok zij zich terug tot bij Dyon waar ze ingesloten dreigde te raken. Door alle zwaar materieel achter te laten konden ze in kleine groepjes ontsnappen naar Spanje en Noord-Afrika om daar ingescheept te worden voor Groot-BrittanniŽ.

De verzamelplaats voor alle ontsnapte militairen werd Schotland waarbij zich emigranten uit Noord- en Zuid-Amerika voegden. Ook de Poolse marine en de luchtmacht waren grotendeels uit de handen van de Duitsers en Russen gebleven en zaten veilig in Schotland. Op 21 juni 1941 verklaarde Duitsland de oorlog aan Rusland. Sikorski kreeg van de Russen gedaan dat ze de krijgsgevangen Polen, waarvan veel ervan naar SiberiŽ waren getransporteerd, vrijlieten en er mocht een leger van 100.000 man uit geformeerd worden. Via Irak en PerziŽ werd dat leger verplaatst naar Egypte. Een deel ervan nam deel aan de woestijnoorlog in Noord-Afrika. Daarna trok de krijgsmacht via SiciliŽ ItaliŽ door, waar ze ondermeer het onneembaar geachte Benedictijnenklooster Monte Casino innamen. Een deel van dit leger voegde zich bij de Eerste Poolse Pantserdivisie. Tussen 20 juli en 5 augustus 1944 werd die in NormandiŽ aan land gezet. Na een harde strijd bij Caen en Falaise wisten de Polen door te breken.

De eerste maand verloren zij aan doden, gewonden en vermisten 2000 manschappen. Op de flank van het Eerste Canadese Leger moeten zij de toegang tot de haven van Antwerpen zien vrij te maken. In tien dagen tijd wisten ze een afstand van 500 kilometer af te leggen. Over Gent en Sint- Niklaas bevrijdden zij Oost- Zeeuws-Vlaanderen ten oosten van het Kanaal van Gent naar Terneuzen tot aan de Schelde en Westerschelde. De Canadezen bevrijdden het gebied ten westen van het kanaal en na een moeizame strijd West-Zeeuws-

Vlaanderen. Een Britse legergroep nam Antwerpen in. Bij de acties in Zuid- en West-Europa verloor de Eerste Poolse Pantserdivisie 5092 manschappen aan doden, gewonden en vermisten, nagenoeg een derde deel van de totale divisie.

top

  Last update: 20-02-2014  © Vereniging 1e Poolse pantserdivisie Nederland   Contact 76-5415041

Naar boven